elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: harrewitsen

harrewitsen , [krijgertje spelen] , harrewitsen , krijgertje spelen. Vergelijk Fr . haro! de oude kreet om een dief te vervolgen. Witsen, den dief pakken. Witsener, beul, geregtsdienaar. L. F. witjer. Scherzius op wiszen.
Bron: Halbertsma, J.H. (1835), ‘Woordenboekje van het Overijselsch’, in: Overijsselsche Almanak voor Oudheid en Letteren 1836, Deventer: J. de Lange.
harrewitsen , harrewitzen , Een jongens spel op ’t land, waar in de een den anderen moet vangen.
Bron: Dumbar, G., H. Scholten en J.A. de Vos van Steenwijk Vollenhove (1952), Het Dumbar Handschrift – Idioticon van het Overijsels in het einde der achttiende eeuw, uitgegeven door H.L. Bezoen, Deventer


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal