elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: pappenzuiger

pappenzuiger , pappezoeger , Volgens de uitspraak, eigenlijk pappezuiger. Een netel, die niet brandt.
Bron: Dumbar, G., H. Scholten en J.A. de Vos van Steenwijk Vollenhove (1952), Het Dumbar Handschrift – Idioticon van het Overijsels in het einde der achttiende eeuw, uitgegeven door H.L. Bezoen, Deventer
pappenzuiger , papezoeger , de , (Zuidwest-Drenthe, noord) = kelk van de kamperfoelie De papezoeger, dat is de bloem van de kamperfoelie (Wsv), z. ook melkzoeger
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal