elektronische Woordenbank van de Nederlandse dialecten (eWND)

Woord: steenmot

steenmot , [pissebed] , steenmotte , krob.
Bron: Halbertsma, J.H. (1835), ‘Woordenboekje van het Overijselsch’, in: Overijsselsche Almanak voor Oudheid en Letteren 1836, Deventer: J. de Lange.
steenmot , steenmotte , stieenmotte , Pissebed.
Bron: Draaijer, W. (1896). Woordenboekje van het Deventersch Dialect. ’s-Gravenhage: Martinus Nijhoff
steenmot , steenmotte , stieenmotte , Pissebed.
Bron: Draaijer, W. (2e druk 1936), Woordenboekje van het Deventersch Dialect, Deventer: Kluwer.
steenmot , steenmotten , Pissebedden. Te Groningen zegt men motsteenen. Kiliaan heeft motte. [In Twente heet men pissebedden motten.]
Bron: Dumbar, G., H. Scholten en J.A. de Vos van Steenwijk Vollenhove (1952), Het Dumbar Handschrift – Idioticon van het Overijsels in het einde der achttiende eeuw, uitgegeven door H.L. Bezoen, Deventer
steenmot , stainmodde , stainmot , keldermot, pissebed
Bron: Steenhuis, F.H. (1978), Stoere en Olderwetse Grunneger Woorden, Wildervank: Dekker & Huisman
steenmot , stienmot , de , keldermot De steeinmot zit op vochtige steden in de kelder (Eex), Het was allemaol stainmotten (Vtm), z. ook keldermot
Bron: Kocks, G.H. (1996-1997), Woordenboek van de Drentse Dialecten (WDD), Assen: Van Gorcum
steenmot , steenmot , pissebed (W.-Veluwe).
Bron: Scholtmeijer, H. (2011), Veluws handwoordenboek, Almere.


<< vorige pagina

Gelieve als bronverwijzing te gebruiken:
Sijs, Nicoline van der (samensteller) (2015-), eWND, op ewnd.ivdnt.org,
gehost door het Instituut voor de Nederlandse Taal